Het shirt van 1974: eenvoud met een verhaal

Er zijn voetbalshirts die je mooi vindt.

En er zijn voetbalshirts die je, zodra je ze ziet, meteen ergens naartoe brengen.

Het oranje shirt van het Nederlands elftal tijdens het WK van 1974 is zo’n shirt.

Je ziet het en je hoeft eigenlijk niet eens naar het rugnummer te kijken. De kleur zegt genoeg. Dat heldere oranje, de eenvoudige belijning, de zwarte details. Geen ingewikkeld patroon, geen druk ontwerp, geen tientallen kleine elementen die om aandacht vragen.

Gewoon oranje.

En misschien is dat precies waarom het zo mooi is gebleven.

In de zomer van 1974 liep Nederland in dat shirt voor het eerst echt de wereld binnen als een voetballand waar iedereen naar keek. De ploeg van Rinus Michels speelde voetbal waarover nog jaren gesproken zou worden. En voor ons gevoel is dat voetbal onlosmakelijk verbonden met dat shirt.

Als je aan die ploeg denkt, zie je het oranje.

Jan Jongbloed op doel. Voor hem Wim Suurbier, Arie Haan, Wim Rijsbergen en Ruud Krol. Op het middenveld Wim Jansen, Johan Neeskens en Willem van Hanegem. Voorin Johnny Rep, Johan Cruijff en Rob Rensenbrink.

Een elftal vol namen die inmiddels onderdeel zijn geworden van de Nederlandse voetbalgeschiedenis. In de finale tegen West-Duitsland stonden ze daar, in München, in dat eenvoudige oranje. Cruijff als aanvoerder, met nummer 14 op zijn rug. Neeskens met nummer 13. Rep met 16. Rensenbrink met 15.

Maar kijk nog eens naar dat shirt. Juist wanneer je de grote namen even wegdenkt, blijft er iets bijzonders over. Het ontwerp probeert helemaal niets uit te leggen. Het is oranje en het is van Nederland, dat was genoeg.

Er zit natuurlijk wel een verhaal in de details. Adidas was destijds de kledingsponsor van Oranje en de bekende drie strepen liepen over de mouwen. Alleen Johan Cruijff vormde een bijzondere uitzondering. Hij stond onder contract bij Puma en speelde tijdens het WK met twee strepen op zijn mouwen.

Een klein verschil. Maar daardoor werd het shirt van Cruijff misschien wel nóg herkenbaarder. En dan dat nummer, 14. Je hoeft het niet eens uit te leggen. Een generatie voetballiefhebbers weet wat dat nummer betekent.

    Toch is het niet alleen Cruijff dat dit shirt zo bijzonder maakt. Het is het beeld van die hele ploeg. Van het voetbal dat ze speelden. Van spelers die voortdurend van positie wisselden en een wedstrijd konden laten kantelen zonder dat je precies begreep hoe het gebeurde.

    Het was voetbal dat vrijheid uitstraalde. En misschien paste dat eenvoudige shirt daar wel perfect bij. Geen behoefte om de aandacht naar het shirt te trekken de aandacht ging volledig naar de spelers.

    Naar Neeskens die vanaf de stip de finale al na twee minuten op 1-0 zette. Naar Cruijff die met zijn rugnummer 14 over het veld bewoog. Naar Van Hanegem, Jansen, Krol en al die anderen die samen het beeld van Oranje in 1974 bepaalden.

    En uiteindelijk ook naar het moment waarop het misging.

    West-Duitsland won de finale met 2-1. Neeskens had Oranje nog op voorsprong gezet, maar Paul Breitner maakte gelijk en Gerd Müller zorgde voor de winnende treffer.

    Dat maakt het shirt misschien nog emotioneler. Want het werd niet het shirt van een wereldkampioen. Het werd het shirt van een ploeg die de wereld liet zien hoe Nederland kon voetballen, dat is iets anders.

    En misschien is dat ook waarom dat oranje shirt na al die jaren nog steeds zo herkenbaar is. Als je het vandaag ergens ziet hangen, gebeurt er iets merkwaardigs. Je kijkt niet alleen naar een oud voetbalshirt het vertelt een verhaal dat is blijven hangen en onomstotelijk is verbonden aan het team van toen.

    Soms hoef je niets toe te voegen om iets onvergetelijk te maken.